De carnavalsviering is in feite plaatsgebonden, een lokaal gebeuren. Een stad, dorp, gehucht verandert in een rijk, dat bestuurd moet worden. Daarvoor met men beschikken over een schertsregering, de zogenaamde Raad van Elf. Een uitdrukking die zich beperkt tot de West-Europese carnavalscultuur. In feite zijn het de elf adviseurs van de president, de vorst, de voorzitter, of m.a.w. de persoon die de leiding heeft. Hetgeen dus concreet betekent dat de feitelijke leiding in handen is van twaalf personen. Wat klopt er in carnaval wel?

 

Anderzijds is carnaval het feest van de vergankelijkheid. Een enorme inspanning wordt geleverd voor iets zeer kortstondigs. Een optocht waar maanden aan gewerkt wordt, met een levensduur van slechts enkele uren. Een prinsencarrière die in theorie weliswaar één jaar duurt, maar praktisch slechts enkele dagen intens beleefd wordt. De werkelijke regeringsperiode begint immers met de overhandiging van de stadssleutel en eindigt op dinsdagavond of dinsdagnacht.

 

Maar om zo een feest te kunnen organiseren is een continu element nodig. Dat is de Raad van Elf, de leutige ploeg met alle daaraan toegevoegde werkgroepen. De leiding daarvan kan zeer verschillend zijn, al naargelang men de representatieve taak en de feitelijke leiding al of niet in één hand heeft gehouden. Is dit niet het geval dan kent men vaak naast de voorzitter een president of een vorst.

 

Wat de feitelijke oorsprong van de benaming “Raad van Elf” betreft dienen we mogelijk terug te gaan naar het Hertogdom Brabant in de vijftiende eeuw.

 

Zoals bekend bestond het huidige Nederland en België in de middeleeuwen uit een aantal hertogdommen, graafschappen, heerlijkheden, enz… Een van die hertogdommen was het grote en roemrijke Hertogdom Brabant, dat bestond uit de huidige provincies Noord-Brabant (NL) en de provincies Antwerpen en Brabant (B). Toen de Brabantse hertog Antoon van Bourgondië in 1415 in de slag bij Anzicourt sneuvelde, kwamen de afgevaardigden van de zeven oudste Brabantse steden en de vier grootste abdijen van Brabant bijeen. De hertogin-weduwe mocht niet in aanmerking komen voor de opvolging, wegens haar rechten op Luxemburg. Wel had zij twee zoontjes, waarvan de oudste Jan, nog maar elf jaar was. Op 4 november besloten de Staten deze jongen te erkennen als Hertog van Brabant en, dat het dagelijks bestuur diende waargenomen te worden door de “Raad van Elf”.

 

De benoeming van deze raadsleden van de “Raad van Elf” is zeer waarschijnlijk in de daarop volgende week gebeurd, dus op of rond 11 november.

Allerlaatste nieuws

Overdrachtsbal

Posted on nov - 7 - 2016

0 Comment